Lord Byron

 

Vandaag, zondag 19 april 2009, is het precies 185 jaar geleden dat op 19 april 1824 in Mesolongi de op 22 januari 1788 in Londen als George Gordon Byron geboren Engelse schrijver en dichter Lord Byron op 36-jarige leeftijd overleed. Lord Byron werd geboren met een afwijking aan zijn voet.

Zijn invloed op de Europese dichtkunst, muziek, literatuur, opera en schilderkunst was enorm, hoewel hij op morele gronden werd verafschuwd.

Zijn moeder, Catherine Gordon, was een afstammelinge van de Schotse koning Jacobus I. In 1798 erfde hij van zijn achteroom de titel Baron Byron.

Lord Byron bouwde veel schulden op en trok de aandacht door zijn biseksuele verhoudingen. In 1802 verbleef hij bij zijn halfzuster, met wie hij later een incestueuze verhouding zou hebben gehad.

Ondanks zijn aangeboren handicap was hij een knappe verschijning. Dit en zijn excentrieke gedrag maakte hem aantrekkelijk voor vrouwen en hij groeide uit tot een gevierd man in de Londense society. Hij had verscheidene affaires voor en na zijn huwelijk met Anna Isabella Milbanke in 1815. Anna Isabella Milbanke, interesseerde zich hevig voor de wiskunde en ging derhalve door het leven met de bijnaam “Prinses van de parallellogrammen”.

Hetzelfde jaar kregen ze een dochter, Ada. Het was een ongelukkig huwelijk en een jaar later gingen ze uit elkaar. Zijn reputatie werd hierdoor ernstig geschaad. Ada zou in het midden van de 19e eeuw uitgroeien tot de eerste programmeur en de schrijfster van het eerste computerprogramma op basis van haar samenwerking met Charles Babbage (1791–1871), de Britse uitvinder van de eerste geautomatiseerde, programmeerbare, mechanische rekenmachine, de voorloper van de elektronische computer.

In 1816 vertrok Lord Byron, verbitterd door alle kritiek, uit Engeland. Hij trok naar Zwitserland, waar hij zijn collega Percy Shelley en diens vrouw Mary Wollstonecraft – de dochter van de feministe Mary Wollstonecraft en de filosoof William Godwin – ontmoette.

Daar was hij aanwezig in Villa Diodati op de nacht die beschreven wordt in de film “Gothic” uit 1986 van Ken Russell. Geïnspireerd door de verhalen van die nacht, schreef Mary Shelley op 19-jarige leeftijd de roman “Frankenstein”, Dr. John Polidori – Byron’s dokter – “The Vampyre” en Byron zelf schreef na zijn bezoek aan het Château de Chillon waar hij de verhalen hoorde van gevangenen die in de kerkers waren weggekwijnd “The Prisoner of Chillon”.

Byrons meesterwerk is “Don Juan” (1819-1824), een onvoltooide verhalende satire van zestien zangen. Het is een mengeling van ernst, cynisme en humor, waarin in de laatste zangen Britse sociale toestanden over de hekel worden gehaald.

 

Lord Byron op zijn sterfbed

 

In juli 1823 vertrok hij naar Griekenland om deel te nemen aan de vrijheidsoorlog tegen de Turken. De overwinning maakte hij echter niet mee. Na enkele maanden overleed hij ten gevolge van een moeraskoortsaanval, in het stadje Mesolongi. Zijn lichaam werd overgebracht naar Engeland, waar het begraven werd in de dorpskerk van Hucknall, Nottingham, en niet, zoals gepaster zou zijn geweest, in de Poets’ Corner van Westminster Abbey. Dat laatste werd vanwege Byron’s vroegere levensstijl door de Engelse burgerij niet toegestaan.

 

Daphne du Maurier

 

Ook vandaag, zondag 19 april 2009, is het precies 20 jaar geleden dat op 19 april 1989 in Par, Cornwall, de op 13 mei 1907 in Londen geboren Britse schrijfster van vooral historische en hedendaagse romans uit Cornwall, Daphne du Maurier, op bijna 82-jarige leeftijd overleed. Haar lichaam werd gecremeerd en de as verstrooid over de rotsen van Cornwall. Ze was de dochter van de acteur/toneelleider Gerald du Maurier en kleindochter van de schrijver George du Maurier. Haar bekendste werk “Rebecca” uit 1938 – een gothic novel waarin een jonge, tweede echtgenote wint van haar overleden rivale – werd een klassieker en vormde de basis voor de gelijknamige film uit 1940 van Alfred Hitchcock die met een Oscar voor Beste Film werd bekroond en met Laurence Olivier en de nu 91-jarige Joan Fontaine in de hoofdrollen.

Daphne du Maurier trouwde met luitenant-generaal Sir Frederick Browning met wie ze een zoon en twee dochters kreeg. Een van de weinige keren dat ze buiten haar romans om in de openbaarheid trad, was in 1977 als weduwe van de in 1965 overleden Browning om hem te verdedigen tegen het kwade daglicht waarin hij gesteld werd in de film “A Bridge Too Far” uit 1977 over de Slag om Arnhem. Browning had destijds kritiek gekregen over zijn houding als bevelvoerder in Nijmegen en over zijn kritische evaluatie van de Poolse troepen wat leidde tot het ontslag van de Poolse Brigadier-Generaal Stanisław Sosabowski. De Polen van Sosabowski werden door de Britten onterecht als zondebok beschouwd voor het falen van Operation Market Garden.

In “The House on the Strand” uit 1969 verkende ze de mogelijkheden van tijdreizen. Ze schreef ook het kortverhaal “The Birds” dat in 1963 ook al door Alfred Hitchcock werd verfilmd met Tippi Hedren en Rod Taylor in de hoofdrollen.

In 1969 werd zij Dame of the British Empire.

Er werd beweerd dat ze lesbische gevoelens had en intieme relaties met verschillende vrouwen, onder wie Gertrude Lawrence, een Engelse actrice. Zelf beschreef ze haar persoon als tweeledig, zowel echtgenote en moeder maar met een mannelijk creatief principe achter haar romans.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s